daarboven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • daar·bo·ven
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     boven  
 persoonlijk     erboven  
aanwijz.   nabij     hierboven  
  veraf     daarboven  
  vragend/betrekk.     waarboven  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
daarboven

  1. boven dat, boven die
    • Daarboven zie je de toppen van de Alpen. 
     Haar nieuwsgierige blik gleed over de kleding van Claudette. (...) Heel geraffineerd. Zwarte laarzen met daarboven nauwsluitende jeans.[1]

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Suzanne Vermeer op WikipediaAll-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht, ISBN 90-229-9182-2
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be