concilio

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·ci·lio
enkelvoud meervoud
concilio concilios

Zelfstandig naamwoord

concilio m

  1. concilie, kerkvergadering

Verwijzingen

Werkwoord

vervoeging van
conciliar

concilio

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van conciliar