clubblad

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Het Clubblad van basketbalvereniging GSBV Moestasj De Snorkul.
Uitspraak
Woordafbreking
  • club·blad
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord clubblad clubbladen
verkleinwoord clubblaadje clubblaadjes

Zelfstandig naamwoord

clubblad o [1]

  1. een tijdschrift van een club of vereniging
    • De Groningse studentenvereniging Vindicat heeft leden van de roeiclub Aegir geschorst vanwege een verhaal in het clubblad over de vermeende seksuele avonturen van vrouwelijke leden. Dat meldt het Groningse stadsweblog Sikkom.[2] 
    • „Ik zat destijds in de redactie van het clubblad van Quick’20. Toen Björn zijn eerste professionele wedstrijden floot, hebben we een verhaal over hem geschreven.” Hij heft zijn vingertje op: „Toen al voorspelden we hem een glanzende carrière. Dat artikel heb ik nog steeds.”[3] 
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. de Telegraaf 04 sep. 2017
  3. de Telegraaf JAN COLIJN 27 mei 2014