chocoladesnol

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cho·co·la·de·snol
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord chocoladesnol chocoladesnollen
verkleinwoord chocoladesnolletje chocoladesnolletjes

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.

Zelfstandig naamwoord

chocoladesnol v

  1. (scheldwoord) vrouw die voor een onbeduidende vergoeding seks heeft met mannen
    • (…) syf zag je niet meer, en gonorrhoe alleen bij chocoladesnolletjes, die zich tòch niet lieten behandelen, (…) [2]
Synoniemen

Verwijzingen