charismatisch

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cha·ris·ma·tisch
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen charismatisch charismatischer
verbogen charismatische charismatischere
partitief charismatisch charismatischers -

Bijvoeglijk naamwoord

charismatisch [1]

  1. van een persoon: veel uitstraling hebbend zodat mensen die persoon willen volgen of accepteren als leider
    • De charismatische sekteleider had veel kritiekloze volgers.  

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen