causatief

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cau·sa·tief
enkelvoud meervoud
naamwoord causatief causatieven
verkleinwoord causatiefje causatiefjes

Zelfstandig naamwoord

causatief o

  1. (taalkunde) een werkwoord dat aangeeft dat men iets doet of laat gebeuren
    • Zetten is het causatief van zitten en vellen dat van vallen. 
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen causatief causatiever causatiefst
verbogen causatieve causatievere causatiefste
partitief causatiefs causatievers -

Bijvoeglijk naamwoord

causatief

  1. op een oorzaak betrekking hebbend
    • Is er echt een causatief verband tussen deze verschijnselen? 

Gangbaarheid

56 % van de Nederlanders;
75 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be