bovenkomen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·ko·men
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bovenkomen
kwam boven
bovengekomen
klasse 4 volledig

Werkwoord

bovenkomen

  1. ergatief uit onderdompeling tevoorschijn komen
    • De duikers kwamen boven met een aantal amforen. 
  2. ergatief overdrachtelijk tevoorschijn komen
    • Wat daarna bovenkwam in dat onderzoek bezegelde zijn lot. 

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.