bootvluchteling

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

bootvluchtelingen
Uitspraak
Woordafbreking
  • boot·vluch·te·ling
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bootvluchteling bootvluchtelingen
verkleinwoord bootvluchtelingetje bootvluchtelingetjes

Zelfstandig naamwoord

bootvluchteling m

  1. iemand die om een politieke of economische reden zijn land ontvlucht en daarbij over zee op zijn bestemming aan tracht te komen
    • Meer dan duizend bootvluchtelingen gered bij Sicilië [1] 

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen