Naar inhoud springen

boniment

Uit WikiWoordenboek
  • bo·ni·ment
enkelvoud meervoud
naamwoord boniment bonimenten
verkleinwoord - -

hetbonimento

  1. verhaaltje ter aanprijzing van handelswaar op straat
    • Het idiootste wat we ooit op de Vogelenmarkt als boniment ten beste hebben hooren geven was een vuurwerk van geestigheid en van critische snedigheid bij het lamme gezeur in dit gewrocht. [1]
10 %van de Nederlanders;
16 %van de Vlamingen.[2]