bleed

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Engels

Uitspraak
vervoeging
onbepaalde wijs to bleed
he/she/it bleeds
verleden tijd bled
voltooid
deelwoord
bled
onvoltooid
deelwoord
bleeding
gebiedende wijs bleed

Werkwoord

bleed

  1. bloeden

Zelfstandig naamwoord

  1. een bloeding
  2. (drukwerk) afloop
  3. (geluidsopname) de situatie waarbij een microfoon geluid opneemd van een andere bron dan de bedoeling was.