betalingsbewijs

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·ta·lings·be·wijs
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord betalingsbewijs betalingsbewijzen
verkleinwoord betalingsbewijsje betalingsbewijsjes

Zelfstandig naamwoord

betalingsbewijs o

  1. bewijs dat een betaling gedaan is