bekkenbodemmatje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bek·ken·bo·dem·mat·je
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord
verkleinwoord bekkenbodemmatje bekkenbodemmatjes

Zelfstandig naamwoord

bekkenbodemmatje o dim. tant.

  1. (medisch) een in het lichaam geplaatst implantaat om bij een verzakking van organen in het bekken deze omhoog te houden
    • Het bekkenbodemmatje werd vaak geplaatst bij een bekkenbodemverzakking, maar levert zelf veel gezondheidsklachten op. 

Gangbaarheid