beenhakker

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • been·hak·ker
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord beenhakker beenhakkers
verkleinwoord beenhakkertje beenhakkertjes

Zelfstandig naamwoord

beenhakker m [1]

  1. (scheepvaart) stalen bijboot, met knikspantromp en luchtkisten, die vanaf de jaren vijftig tot in de jaren tachtig veel bij vrachtschepen gebruikt werd
    • De beenhakker is ontworpen door Teun Beenhakker. 
Synoniemen
  1. schippersvlet

Gangbaarheid

Verwijzingen