afgebrand

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·ge·brand
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
afbranden

afgebrand

  1. voltooid deelwoord van afbranden

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen