Zwijndrechts
Uiterlijk
- Zwijn·drechts
- Afgeleid van Zwijndrecht met het achtervoegsel -s
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | Zwijndrechts | Zwijndrechtser | Zwijndrechtst |
| verbogen | Zwijndrechtse | Zwijndrechtsere | Zwijndrechtste |
| partitief | Zwijndrechts | Zwijndrechtsers | - |
Zwijndrechts
- (demoniem) op Zwijndrecht betrekking hebbend
| Demoniemen bij Zwijndrecht in het Nederlands | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
inwoner: Zwijndrechtenaar • inwoonster: Zwijndrechtse • bijvoeglijk: Zwijndrechts | |||||||||||
- Het woord Zwijndrechts staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.