vrijgeven

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vrij·ge·ven
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vrijgeven
gaf vrij
vrijgegeven
klasse 5 volledig

Werkwoord

vrijgeven

  1. (overgankelijk) zonder voorbehoud beschikbaar stellen, toegankelijk maken
    Parlementariërs hebben de regering gevraagd de geheime documenten vrij te geven.
    De nieuwste versie van de browser is gisteren officieel vrijgegeven.
    Het pand is enige tijd ontruimd geweest, maar na controle van de brandweer weer vrijgegeven.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen