vervelen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ve·len
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van veel met het voorvoegsel ver- met het achtervoegsel -en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vervelen
verveelde
verveeld
zwak -d volledig

Werkwoord

vervelen

  1. (overgankelijk) saai zijn, en gevoelens van onlust bij iemand oproepen
  2. (inergatief) klieren
  3. (wederkerend) zich ~: niet weten wat te doen
Uitdrukkingen en gezegden
  • (in België) verveeld zitten met iets
Vertalingen