verlichting

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·lich·ting
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van licht met het voorvoegsel ver- en met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord verlichting verlichtingen
verkleinwoord verlichtinkje verlichtinkjes

Zelfstandig naamwoord

verlichting v

  1. iets wat een gebied of ruimte lichter maakt
    Jan was vergeten nieuwe lampjes te kopen en fietste dus zonder verlichting.
  2. verruiming van het bewustzijn
    Die schreeuw, die bleek de kinderen wakker gemaakt te hebben, bracht hem verlichting...[1]
Antoniemen
Verwijzingen
  1. Koolhaas, A. (1976). Tot waar zal ik je brengen?, p. 221. Uitg.: G. A. van Oorschot, ISBN 9789028203549.

Meer informatie