verbieden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
| naamwoord van handeling | |
|---|---|
| zelfstandig | bijvoeglijk |
| verbieden | verbiedend |
| verbod | verboden |
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·bie·den
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verbieden |
verbood |
verboden |
| klasse 2 | volledig | |
Werkwoord
verbieden
- een bepaalde handeling strafbaar stellen.
- De toegang is voor onbevoegden streng verboden.
Vertalingen
1. een bepaalde handeling strafbaar stellen