verbannen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ban·nen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verbannen
verbande
verbannen
gemengd volledig

Werkwoord

verbannen

  1. (overgankelijk) iemand van regeringswege dwingen een bepaald gebied te verlaten
    De krijgsgevangenen werden verbannen uit het land.
Vertalingen