terugwinnen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- te·rug·win·nen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| terugwinnen |
won terug |
teruggewonnen |
| klasse 3 | volledig | |
Werkwoord
terugwinnen
- (overgankelijk) een eerder verlies goedmaken
- Deze maand is voor het eerst fosfaat teruggewonnen uit Utrechts afvalwater..