stroomlijn
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- stroom·lijn
Woordherkomst en -opbouw
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| stroomlijnen |
stroomlijn
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stroomlijnen
- Ik stroomlijn.
- gebiedende wijs van stroomlijnen
- Stroomlijn!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stroomlijnen
- Stroomlijn je?
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | stroomlijn | stroomlijnen |
| verkleinwoord | stroomlijntje | stroomlijntjes |
Zelfstandig naamwoord
- denkbeeldige kromme lijn die de richting van de stroming in een vloeistof of gas aangeeft
- vorm van een auto, vliegtuig e.d. die een zo gering mogelijke luchtweerstand waarborgt.
Vertalingen
1. denkbeeldige kromme lijn ...
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.