straks

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • straks

Bijwoord

straks

  1. op een later moment
    We zullen straks de vragen doorlopen.
  2. mogelijk, duidt een gevaar of dreigende mogelijkheid aan, vaak in combinatie met nog
    Straks valt die beker nog om!
  3. (spreektaal), (verbastering van daarstraks) een korte tijd geleden
    Straks deed hij het nog.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen