sloten aan
Uit WikiWoordenboek
Nederlands
Woordafbreking
- slo·ten aan
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| aansluiten |
sloten aan
- meervoud verleden tijd van aansluiten
- Wij sloten aan.
- Jullie sloten aan.
- Zij sloten aan.
- Wij sloten aan.