slok
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- slok
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | slok | slokken |
| verkleinwoord | slokje | slokjes |
Zelfstandig naamwoord
slok m
- een mondvol vloeistof die ingeslikt wordt
- Hij nam een slok uit zijn veldfles.
Uitdrukkingen en gezegden
- een slok op een borrel
een aanzienlijk verschil