schelden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schel·den
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
schelden
schold
gescholden
klasse 3 volledig

Werkwoord

schelden

  1. (inergatief) krenkende of beledigende woorden uitspreken op heftige of ruwe toon
    Hij heeft vreselijk gescholden tegen die mevrouw.
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
schellen

schelden

  1. meervoud verleden tijd van schellen
    Wij schelden.
    Jullie schelden.
    Zij schelden.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen