reusachtig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • reus·ach·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen reusachtig reusachtiger reusachtigst
verbogen reusachtige reusachtigere reusachtigste

Bijvoeglijk naamwoord

reusachtig

  1. zeer groot
    Het is een reusachtig gebouw.
  2. in zeer hoge mate, enorm
    We hebben reusachtig genoten.
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • reusachtig bouwwerk, reusachtige gestalte, reusachtig idee, reusachtig succes, reusachtig groot, reusachtig sterk, reusachtig blij
Vertalingen