puinhoop
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- puin·hoop
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | puinhoop | puinhopen |
| verkleinwoord | puinhoopje | puinhoopjes |
Zelfstandig naamwoord
puinhoop m
- een hoop puin, meestal door de verwoesting van bouwwerken
- Het bombardement liet van deze stad niet meer dan puinhoopen over.
- een bende
- Na deze periode van wanbeleid was de economie een grote puinhoop.
Vertalingen
1. een hoop puin, meestal door de verwoesting van bouwwerken