molen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- mo·len
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | molen | molens |
| verkleinwoord | molentje | molentjes |
Zelfstandig naamwoord
molen m
- (techniek) een installatie die de stroming van lucht of water als energiebron gebruikt voor het aandrijven van allerlei machines
- Voor het droogmalen van de polders werden windmolens ingezet.
- (techniek) een op andere energiebron dan lucht of water werkende machine, die om zijn roterende werking worden benut
- Het cement wordt voortdurend in beweging gehouden door een betonmolen.
- allerlei voorwerpen en constructies waarvan het om een as ronddraaien een kenmerkende eigenschap is
- De zweefmolen? Nee, dat vond ze maar niks.
Afgeleide begrippen
- [1] elektriciteitsgenerator, graanmolen, houtzaagmolen, korenmolen, molenaar, molengang, molensloot, molensteen, molenwiek, oliemolen, papiermolen, tredmolen, watermolen, windmolen,
- [2] betonmolen, deegmolen, droogmolen, koffiemolen
- [3] carrousel, draaimolen, gebedsmolen, mallemolen, zweefmolen
Verwante begrippen
- [1] windturbine
Anagrammen
Uitdrukkingen en gezegden
- Dat is koren op zijn molen.
Vertalingen
1. installatie die de stroming van lucht of water gebruikt als energiebron
Zelfstandig naamwoord
molen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord mol (SI-eenheid)
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.