mener

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Deens

Woordafbreking
  • me·ner

Werkwoord

mener

  1. tegenwoordige tijd van mene


Noors

Woordafbreking
  • me·ner
Naar frequentie 151

Werkwoord

mener

  1. tegenwoordige tijd van mene
Synoniemen

Zelfstandig naamwoord

mener mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van men
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen