materialisme

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·te·ri·a·lis·me
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord materialisme -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

materialisme o

  1. hechten aan stoffelijk gewin, streven naar materieel bezit en/of genot.
    Het materialisme maakt de samenleving kapot.
  2. (filosofie) leer dat de materie of de stof de enige begin- en eindoorzaak is van al wat bestaat
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie