materialistisch
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ma·te·ri·a·lis·tisch
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van materialisme met het achtervoegsel -tisch
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | materialistisch | materialistischer | meest materialistisch |
| verbogen | materialistische | materialistischere | meest materialistische |
Bijvoeglijk naamwoord
materialistisch
- hechtend aan stoffelijk gewin, strevend naar materieel bezit en/of genot.
- Hij was erg materialistisch ingesteld.