materiaal

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·te·ri·aal
Woordherkomst en -opbouw
  • mogelijk van het Oudfranse 'material'
enkelvoud meervoud
naamwoord materiaal materialen
verkleinwoord materiaaltje materiaaltjes

Zelfstandig naamwoord

materiaal o

  1. (materiaalkunde) een tastbare stof (-> materie)
    Van welk materiaal is die brug gemaakt?
  2. geheel van zaken die men voor een bepaald doel nodig heeft, benodigdheden
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie