heus
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- heus
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | heus | heuser | heust |
| verbogen | heuse | heusere | heuste |
Bijvoeglijk naamwoord
heus
- hoffelijk, beleefd
Vertalingen
1. hoffelijk, beleefd
Bijwoord
heus
- werkelijk, echt
- Dat gebeurt heus niet!