fors

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fors

Bijvoeglijk naamwoord

stellend vergrotend overtreffend
onverbogen fors forser (forst)
meest fors
verbogen forse forsere (forste)
meest forse

fors

  1. groot in zijn soort.
    Er vond een forse stijging in de olieprijs plaats.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen