farce
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- far·ce
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | farce | farcen,farces |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
- een lachwekkende vertoning.
- Dat optreden van die twee oude vrouwen was een farce.
Synoniemen
Engels
Uitspraak
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| farce | farces |
Zelfstandig naamwoord
farce