erger
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- er·ger
Bijvoeglijk naamwoord
erger
- onverbogen vorm van de stellende trap van erg
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| ergeren |
erger
Inhoud |
erger
| vervoeging van |
|---|
| ergeren |
erger