bewapening
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: bewapening (hulp, bestand)
- IPA:
- (Noord-Nederland): /bə.ˈʋa.pə.nɪŋ/
- (Vlaanderen, Brabant): /bə.ˈβ̞a.pə.nɪŋ/
- (Limburg): /bə.ˈwa.pə.nɪŋ/
Woordafbreking
- be·wa·pe·ning
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bewapening | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
bewapening v
- het verschaffen van wapens aan iemand
- De bewapening van de fanatieke Islamisten in Afghanistan door de Verenigde Staten tijdens de Russische bezetting heeft de Amerikanen later zeer berouwd.
- (militair) het aanschaffen en dragen van wapens
- De bewapening van de politie 'schiet te kort' meldde het ochtendblad.
- de verschafte wapens die iemand in handen heeft
- Hun bewapening was niet erg modern te noemen.
Vertalingen
- Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.