besteding

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·ste·ding
enkelvoud meervoud
naamwoord besteding bestedingen
verkleinwoord bestedinkje bestedinkjes

Zelfstandig naamwoord

besteding v

  1. het uitgeven van geld of andere middelen.
    Zijn wekelijkse besteding aan koffie bedraagt 30 euro.
  2. het gebruik of aanwenden.
    Zijn besteding van de uren die hij nog had waren zeer effectief.
Afgeleide begrippen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen