begaan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·gaan
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van gaan met het voorvoegsel be-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
begaan
beging
begaan
klasse 7 volledig

Werkwoord

begaan

  1. (overgankelijk) iets doen dat onjuist of verboden is
    Hij beging daarmee een grote vergissing.
  2. (overgankelijk) een plaats betreden
    Je begaat daarmee wel glad ijs.
Vertalingen
stellend
onverbogen begaan
verbogen begane

Bijvoeglijk naamwoord

begaan

  1. gepleegd.
    De begane overtreding wordt bestraft met een boete.
  2. waarover men gewoonlijk loopt, de verdieping die op straatniveau ligt
    We liepen op de begane grond.
  3. emotioneel betrokken
    Hij was begaan met het lot van de vluchtelingen.

Werkwoord

vervoeging van
begaan

begaan

  1. voltooid deelwoord van begaan
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen