zonnepit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·ne·pit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zonnepit zonnepitten
verkleinwoord zonnepitje zonnepitjes

Zelfstandig naamwoord

zonnepit v/m [1]

  1. eetbare pit van de zonnebloem
    • In Ouwehands Dierenpark en de Apenheul krijgen de apen vanaf dinsdag bevroren fruit en groenten te eten, al dan niet gemengd met muesli en siroop. Voor de berberapen strooien de medewerkers van de Apenheul zonnepitten in het water, zodat de dieren het water in worden gelokt en al pootjebadend kunnen afkoelen. [2] 
    • De stad Giurgiu gaat als eerste plaats in Roemenië boetes uitdelen aan mensen die schillen van zonnepitten op straat uitspuwen. Dat heeft de televisiezender PRO TV maandag gemeld. [3] 
    • In Diergaarde Blijdorp is maandag de twintigste verjaardag gevierd van de beroemdste gorilla van Nederland, Bokito. Hij kreeg voor de gelegenheid extra dingen die apen lekker vinden, zoals wilgentakken, veel groente en hooibalen met zonnepitten. [4] 


Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen