ziedaar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zie·daar
Woordherkomst en -opbouw

Tussenwerpsel

ziedaar

  1. drukt verbazing uit over het verschijnen of aanwezig zijn van iets op enige afstand
    • Ziedaar! Hij is toch gekomen. 
Verwante begrippen

Gangbaarheid

75 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be