verwelken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·wel·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verwelken


verwelkte


verwelkt


zwak -t volledig

Werkwoord

verwelken

  1. (ergatief) het slap worden en wegteren, meestal van afgesneden plantenmateriaal door uitdroging
    Die rozen zijn nog steeds niet verwelkt.