verstopt
Uiterlijk
- ver·stopt
- vervoeging van verstoppen: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel
| vervoeging van |
|---|
| verstoppen |
verstopt
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verstoppen
- Jij verstopt.
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verstoppen
- Hij verstopt.
- (verouderd) gebiedende wijs meervoud van verstoppen
- Verstopt!
| vervoeging van: | verstoppen… |
| verbogen vorm: | verstopte |
verstopt
- voltooid deelwoord van verstoppen
- ▸ Geen verlopen huisvrouw die flessen vieux achter in de keukenkastjes verstopt, maar degene die haar glas op feestjes heel snel in de keuken bijvult terwijl ze er tijdens gesprekken delicaat van nipt, waardoor het lijkt alsof ze amper drinkt. Zij vindt dat ongetwijfeld een teken van beschaving. Haar broer had minder beschavingsdrang. Hij en ik, we klonken uitbundig met glazen, en man, wat hebben we goede feestjes gegeven.[1]
- ▸ Ik was vooral bezig om mijn rol als 'vrouw van' te perfectioneren en ik vergat de jonge vrouw die daaronder verstopt zat.[1]
- Het woord verstopt staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "verstopt" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[2] |
- 1 2 Ronald Giphart e.a.“Een familie en een Griekse god” (2023), The House of Books, ISBN 9789044366471
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be