verstopt

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·stopt
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van verstoppen: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
verstoppen

verstopt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verstoppen
    • Jij verstopt. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verstoppen
    • Hij verstopt. 
  3. (verouderd) gebiedende wijs meervoud van verstoppen
    • Verstopt! 
vervoeging van: verstoppen…
verbogen vorm: verstopte

verstopt

  1. voltooid deelwoord van verstoppen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be