veeleisend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • veel·ei·send
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen veeleisend veeleisender veeleisendst
verbogen veeleisende veeleisendere veeleisendste
partitief veeleisends veeleisenders -

Bijvoeglijk naamwoord

veeleisend

  1. veel en hoge eisen stellend
    • Werknemers zijn over het algemeen veeleisender geworden, onder meer door de toename van het jobaanbod. 
    • Ze was niet veeleisend wat betreft hun kwaliteit of herkomst. Ze had foto's van Clemenceau, Maurras, Poincaré, Jaurès, Joffre, Briand... Sinds ze haar man had verloren, die het bevel voerde over een groep geniformeerde suppoosten in het Musée du Louvre, bezorgden grote mannen haar heftige sensaties. [1] 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Lemaitre, Pierre "Tot ziens daarboven" 2014 ISBN 9789401601931 pagina 16