stagger
Uiterlijk
- stag·ger
stagger
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van stag
- Geluid: stagger (VK) (hulp, bestand)
- IPA: /ˈstæɡə/, /ˈstæɡɚ/
- Via Middelengels stakeren van Oudnoords stakra.
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| stagger | staggers |
stagger
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to stagger |
| he/she/it | staggers |
| verleden tijd | staggered |
| voltooid deelwoord |
staggered |
| onvoltooid deelwoord |
staggering |
| gebiedende wijs | stagger |
stagger
- onovergankelijk wankelen
- onovergankelijk aarzelen, weifelen
- overgankelijk doen wankelen
- overgankelijk doen alterneren
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 7
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Woorden in het Engels met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Medisch in het Engels
- Dierkunde in het Engels
- Werkwoord in het Engels
- Onovergankelijk werkwoord in het Engels
- Overgankelijk werkwoord in het Engels