smaragden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sma·rag·den
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

smaragden mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord smaragd
stellend
onverbogen (alleen
attributief)
verbogen smaragden

Bijvoeglijk naamwoord

smaragden

  1. van smaragd vervaardigd
    • Zij droeg een prachtige smaragden hanger. 
Anagrammen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.