slapend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sla·pend

Werkwoord

vervoeging van: slapen
verbogen vorm: slapende

slapend

  1. onvoltooid deelwoord van slapen
stellend
onverbogen slapend
verbogen slapende
partitief slapends

Bijvoeglijk naamwoord

slapend

  1. in slaap verkerende
    • De slapende kinderen droomden over Sinterklaas die hun mooie cadeaus zou brengen. 
  2. in een staat van inactiviteit verkerend
     Het regent in de Mojave zo zelden dat de slapende zaden soms pas na een aantal jaar ontkiemen.[1]

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia