sjamaan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

sjamaan
Uitspraak
Woordafbreking
  • sja·maan
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Toengoezisch, in de betekenis van ‘toverpriester’ voor het eerst aangetroffen in 1863 [1]
  • waarschijnlijk uit het Russisch [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord sjamaan sjamanen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

sjamaan m

  1. een soort priester en ziener die in zijn of haar gemeenschap de communicatie met de geestenwereld verzekert en magie aanwendt om zieken te genezen, voorspellingen te doen en gebeurtenissen onder controle te brengen
    • In haar autobiografie ziet Abramović de ontmoeting als voorbestemd. Ze bekijkt de wereld magisch, bezoekt sjamanen in Brazilië, waarzeggers in Belgrado, mediteert in Tibet en ziet overal energieën en parallelle werelden. Of haar argumenten daarvoor sterk voor zijn, is de vraag. Ze vindt het bijvoorbeeld een veelzeggend teken dat zij en Ulay op dezelfde dag jarig zijn. Tsja, die kans bestaat; met 365 dagen in een jaar, moet dat nog best vaak voorkomen. Hinderlijk is deze wereldbeschouwing niet. Walk through Walls, dat ze schreef met James Kaplan, leest als een trein en staat vol verhalen die ook de moeite waard zouden zijn als de schrijfster geen beroemde kunstenares was geworden, de beroemdste performance kunstenaar aller tijden zelfs, een diva in designerkleding die Lady Gaga lesgeeft. [3] 
Synoniemen

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen