Naar inhoud springen

sape

Uit WikiWoordenboek
  • [1] Uit het Italiaans zappa “houweel”.
  • [2] Herkomst onbekend.
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  sape     la sape     sapes     les sapes  

sape v

  1. (gereedschap) (pik)houweel, schoffel
  2. (spreektaal) kledingstuk, kloffie
    «Djamel, il claque toute sa thune dans la sape de marque.»
    Djamel verspilt al zijn poen aan merkkleding. [1]
vervoeging van
saper

sape

  1. eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van saper
  2. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van saper
  3. tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van saper